Bibliotheek
Publicaties
Introductie tot de Chinese Innerlijke Alchemie
Verzen van Zhuang Boduan (11e eeuw) met commentaar van Liu I Ming (19e eeuw), eigentijds toegelicht door Jaap Voigt& Natasja Gras
Het is een gezamenlijke studie geweest in de Innerlijke I Tjing (Liu I Ming, Nederlandse vertaling Harry Schippers), die Jaap Voigt en Natasja Gras in 2007 deed besluiten om zich verder te verdiepen in de geheimzinnige Chinese Innerlijke Alchemie. Sinds die tijd werken zij samen aan het ontraadselen, uitleggen en toepasbaar maken van een van de bronteksten van de alchemistische School van de Volledige Werkelijkheid. De tekst in versvorm van Zhuang Boduan (983-1082 n.o.j) is met commentaar van Liu I Ming (±1737 - ±1826 ) en aangevuld met gerelateerde teksten van onbekende oorsprong, door Thomas Cleary uit het Chinees vertaald naar het Engels onder de naam ´Inner teachings´. Het geheel kan gezien worden als een introductie voor beginners in de Chinese Innerlijke Alchemie. Jaap Voigt en Natasja Gras geven met hun vertaling van de ´Inner teachings´ naar het Nederlands, een commentaar en uitleg voor geïnteresseerden van deze tijd. Daarmee bieden zij in de taal van het westen toegang tot een Chinese traditie, die van een tijdloze betekenis en toepassing blijkt.
´Het geheim van de gouden bloem´ is in het westen waarschijnlijk de meest bekende tekst uit de Chinese innerlijke alchemistische traditie. Dit meditatieve werk van Taoïstisch-Boeddhistische oorsprong dankt zijn bekendheid aan een vertaling van Richard Wilhelm met een bijbehorend commentaar van C.G. Jung. De invloed van het werk is nog altijd groot. Wilhelm heeft met zijn werk de weg geopend naar de Chinese levensbeschouwing in het algemeen en de alchemie in het bijzonder. Zijn vertalingen van de I Tjing, het Chinese boek der veranderingen en het geheim van de gouden bloem, mogen dan misschien niet de besten zijn, maar wel is hij er in geslaagd op grote schaal interesse te wekken voor een manier van denken die de westerling over het algemeen wezensvreemd is. De psychiater C.G. Jung kwam door zijn kennismaking met de Chinese alchemie op het spoor van de lange tijd verworpen westerse alchemie. Met zijn studies in de kunst van ora et labora is hij er in geslaagd een psychologische betekenis te geven aan de taal en beelden van de westerse alchemisten. We kunnen rustige stellen dat dit tot een spilpunt van Jung´s persoonlijk en professioneel leven is geworden met resultaten, waarop de generaties na hem nog steeds teren.
Het geheim van de gouden bloem is opnieuw vertaald door Thomas Cleary. Deze vertaling, die ook in het Nederlands is verschenen, is vele malen toegankelijker. De taal is moderner, de inzichten zijn aangescherpt, maar bovenal bleek de versie waarmee Wilhelm en Jung hun baanbrekend werk hebben verricht, een onzuiver aftreksel van de oorspronkelijke tekst. Hoewel van grote zeggingskracht, blijft ook deze jongere vertaling uiteindelijk ondoorgrondelijk. Deels is dat de bedoeling. De moeite die de lezer moet doen om tot de tekst door te dringen en begrip te verkrijgen, werkt als een meditatie en zuiveringsproces op zichzelf. Daarin verschilt deze tekst niet van andere bronteksten zoals de Dao De Jing en de Zhuang Zi. Anderzijds is begrip van de tekst ook een kwestie van kennis. De terminologie en de symboliek veronderstellen een bepaalde bekendheid met en voorkennis van het onderwerp. Voor de Chinese adept liggen die dichter bij huis dan voor de gemiddelde welwillende westerling, maar beiden lijken gebaat te zijn bij een wegwijzer bij de verwezenlijking van het alchemistische pad.
Zhuang Boduan (983-1082 n.oj.), oprichter van de zuidelijke tak van de alchemistische school van de volledige werkelijkheid, heeft met zijn Vierhonderd karakters over het gouden elixer, een poging gedaan om hierin een brug te slaan. In 20 verzen vat hij het innerlijk alchemistisch proces samen en maakt hij duidelijk waar het in essentie om draait. Tegelijkertijd vormt zijn geschrift een aanzet tot de eerste praktische schreden in de innerlijke alchemie, die zich richt op een diepgaand geestelijk en lichamelijk transformatieproces. Liu I Ming voegt daar eind 18e eeuw, begin 19e eeuw zijn uitleg en commentaar aan toe, gedeeltelijk ook in versvorm en met instructies die mogelijke misverstanden uit de weg moeten ruimen. De 20 verzen van Zhuang Boduan zijn met het commentaar van Liu I Ming en aangevuld met gerelateerde teksten van onbekende oorsprong, door Thomas Cleary uit het Chinees vertaald naar het Engels onder de naam ´Inner Teachings´. Jaap Voigt en Natasja Gras zetten het werk voort met hun vertaling van de ´Inner teachings´ naar het Nederlands. Daaraan voegen zij een commentaar en uitleg toe voor geïnteresseerden van deze tijd. In de taal van het westen bieden zij een conceptuele en praktische inleiding op een Chinese alchemistische traditie, die tevens de toegang tot andere bronteksten zal openen of verdiepen en uitnodigt tot een basale verandering van levensperspectief.
Wie verder wil lezen over de onderwerpen van deze website vindt hier een aantal persoonlijke aanraders. De lijst pretendeert geen enkele volledigheid waarvoor bij voorbaat mijn excuses. Eerder gaat het om een weerslag van mijn eigen voorkeuren in de hoop dat deze ook voor de lezer op verkenning smaakmakend kan werken.
Daoïsme
Dao De Jing, Lao Zi
Het scheppende beginsel en haar werking, vertaald uit het Chinees door Jaap Voigt. De 81 verzen van de Dao De Jing in een kale, puntige taal voorzien van een origineel commentaar, dat persoonlijke verwerving en persoonlijke positionering niet schuwt. De commentaren zetten aan tot denken en geven inzicht over de weg van de mens, over natuur en cultuur, over leiderschap, over de dood en de eeuwigheid. Wie het boek thematisch wil bestuderen vindt achterin een verwijzing naar de verzen op onderwerp.
Lao Zi, het boek van de Tao en de innerlijke kracht
Schitterende vertaling van Kristofer Schipper met leerzame commentaren, waarin veel verwijzingen naar de Zhuangzi. Wetenschappelijke precisie die gepaard gaat met groot inzicht. Heerlijk studieboek.
Zhuang Zi
De volledige geschriften, vertaald en toegelicht door Kristofer Schipper. De eerste vertaling van de Zhuangzi in het Nederlands rechtstreeks uit het Chinees. Prachtige en grondige versie van de Zhuangzi met verhelderend notenapparaat en veel toelichtingen op verschillende wetenschappelijke opvattingen.
Lieh-Tzu
A Taoist guide to practical living, vertaald door Eva Wong. Verhalenbundel van de vriendelijke wijze Lieh-Tzu
(400 voj), die makkelijk wegleest en je ondertussen traint in een Taoïstische levensvisie. Een van de aanraders om mee te beginnen als je 'erin wil komen'.
De kunst van het oorlogsvoeren, Sun-Tzu
De Taoïstische visie op oorlog en hoe daarin op te treden. Hoewel de Taoïst tot het uiterste gaat om oorlog en strijd te voorkomen, sluit hij zijn ogen niet wanneer deze onvermijdelijk zijn. De regels die dan gelden zijn door meester Sun verheven tot een kunst die niet alleen toepasbaar is op feitelijke oorlogssituaties, maar op iedere situatie waarin geschonden grenzen moeten worden hersteld. Een veelgelezen meesterwerk, waarvan de principes helaas te weinig wordt toegepast. Verkrijgbaar in vele versies in o.a. het Nederlands en het Engels.
Taoïsme, de weg om niet te volgen
Bondige, boeiende en leerzame inleiding op het Taoïsme van filosofe Patricia de Martelaere in een voor een wetenschapper verrassend persoonlijke en uitnodigende stijl. Aanrader voor zowel beginners als gevorderden.
Taoïsme, Eva Wong
Geschiedenis, filosofie en beoefening van een Chinese spirituele traditie. Eva Wong geeft een zeer compleet overzicht van het Taoïsme, zowel in de breedte als in de diepte. Net als bij haar andere werken, is haar toewijding aan de traditie voelbaar en functioneel aanwezig. Een naslagwerk om onder handbereik te houden. Bij ieder hoofdstuk een uitgebreide lijst met literatuurverwijzingen.
Taoïsme, de levende religie van China
Een van de eerdere werken van Kristofer Schipper. Kan zowel van a tot z als thematisch worden gelezen. Geeft veel informatie en uitleg over de culturele beleving van de (oude) Chinese samenleving en de begrippen die daarin een rol spelen. Grote hulp bij bestudering van de alchemistische teksten.
I Tjing
Aanbevolen commentaren door de eeuwen heenWanneer je wilt kennismaken met de I Tjing heeft het de voorkeur om je te beperken tot een of hooguit twee versies van de I Tjing. Meer dan dat zal alleen maar tot verwarring leiden. Interpretaties kunnen fundamenteel verschillen en het vereist een eigen standpunt gebaseerd op een eigen begrip om deze tegen elkaar af te wegen. Dat geldt ook voor het kunnen onderscheiden van kaf en koren. Het aantal commentaren op de I Tjing is schier eindeloos. Zeker in het westen zijn er de afgelopen decennia talloze verschenen. De kwaliteit verschilt echter aanmerkelijk. Hieronder vind je enkele commentaren, interpretaties en vertalingen, die ik kan aanbevelen.
Richard Wilhelm, I Tjing – het boek der veranderingen (1924)
De I Tjing van Richard Wilhelm heeft baanbrekend werk in het westen verricht. Het is niet de eerste, maar wel de beste vertaling die een brug heeft kunnen slaan naar het westers deel van de wereld. Grappig detail is dat Wilhelm als predikant met zekere bekeringsdrang naar China trok, maar zelf terugkeerde in de ban van het oosters denken. Het voorwoord van vriend en tijdgenoot C.G. Jung is innemend en ontwapenend door zijn persoonlijke benadering van de I Tjing. In de jaren zeventig heeft menigeen onder invloed van de toenemende belangstelling voor oosterse spirituele tradities 'Wilhelms I Tjing' aangeschaft en bijgedragen aan de verspreiding en bekendheid van het boek. De wat archaïsche taal en het gebrek aan toelichting voor gebruik maakten echter dat het boek in veel gevallen maagdelijk in de meeste boekenkasten verdween.
Han Boering, I Tjing voor de 21ste eeuw, een nieuwe interpretatie vanuit het Chinees met commentaar (2001)
Het Nederlands taalgebied kan zich sinds 2001 verheugen met de I Tjing voor de 21ste eeuw. Zowel voor beginners als gevorderden is deze versie van Han Boering een walhalla. Helder in zijn praktische toepassing, uitgebreid in achtergrondinformatie, veel aandacht voor techniek. De stijl is smeuïg, non-moralistisch en aansprekend zonder populair te worden. De uitleg en commentaren zijn diepgaand zonder saai te worden. Een ware uitnodiging tot de wereld van de I Tjing met als toetje een enthousiasmerende bibliografie.
Alfred Huang, de oorspronkelijke I Tjing (Nederlandse vertaling 2000)
Na de I Tjing van Wilhelm een goede contemporaine vertaling uit het Chinees, maar minder toeschietelijk in zijn uitleg en achtergronden dan de I Tjing voor de 21ste eeuw. Prachtige Chinese karakters van niet te missen formaat voor wie wil studeren op de namen van de hexagrammen. In zijn interpretaties interessant naast andere versies.
Liu I Ming, de Taoist I Ching (vertaald door Thomas Cleary 1986)
Deze versie van de I Tjing met commentaar van Liu I Ming uit het begin van de 18e eeuw is een absolute must voor geïnteresseerden in de Chinese innerlijke alchemie, maar in feite kan geen I Tjing adept hier omheen; al is het alleen maar vanwege de diepgaande inzichten in de concepten van yin en yang. Liu I Ming leefde in een periode van verwording en verval in China en zijn antwoord daarop is een geestelijke weg geworteld in de alchemistische traditie. Zijn commentaar op de I Tjing is als een gids om deze weg te gaan. Zijn strenge toon dwingt je de uiterlijke wereld te laten voor wat die is en de blik naar binnen te keren. En passant raak je vertrouwd met essentiële alchemistische begrippen. Zie verder de innerlijke I Tjing hieronder.
Liu I Ming, de innerlijke I Tjing (vertaald door Harry Schippers)
De Taoist I Ching is vanwege zijn diepgang en alchemistisch kader al niet eenvoudig, maar een extra handicap was dat er tot voor kort alleen een Engelse vertaling beschikbaar was. Harry Schippers heeft dit doorbroken, waardoor we nu in Nederland gezegend zijn met de innerlijke I Tjing. Verder zijn met de vertaling naar het Nederlands ook een flink aantal onduidelijkheden opgelost, die de tekst een stuk leesbaarder maken. De uitstekende inleiding van Thomas Cleary verschaft veel duidelijkheid over het alchemistisch kader. Voor wie nieuw is in deze materie is het dan ook aan te raden deze daadwerkelijk eerst te lezen alvorens met het boek aan de slag te gaan.
Cheng Yi, I Ching, the Tao of organization (vertaling Thomas Cleary)
Belangrijk als mijlpaal in de geschiedenis van de I Tjing, halverwege twee millennia en inhoudelijk sterk. Cheng Yi (1033-1107) is uitermate praktisch en richt zijn commentaar op de buitenwereld. Een werk van een meester.
Chih-hsu Ou-I, the Buddhist I Ching (vertaling Thomas Cleary)
Als interpretatie misschien niet de meest opwindende versie van de I Tjing, maar interessant vanwege de Boeddhistische invalshoek. Chih-hsu Ou-I leefde van 1599 tot 1655.
Wang Bi, I Ching, the classic of changes (vertaling Richard John Lynn)
De interpretatie van Wang Bi (226-249) is om verschillende redenen de moeite waard. Om te beginnen was het in China zelf eeuwenlang een belangrijk en hooggewaardeerd commentaar op de I Tjing. Daarmee hoort het onherroepelijk thuis in de geschiedenis van het boek. Inhoudelijk leert het je naar de essenties van betekenissen te kijken en niet naar de letter van de wet. Dit geldt als een fundamenteel uitgangspunt in het werken met symboliek in het algemeen en de I Tjing in het bijzonder. Technisch is het uitermate onderlegd waardoor je bijvoorbeeld gevoel ontwikkelt voor de betekenis van yinne en yange lijnen op hun plaatsen binnen het hexagram. Eigenlijk ademt het hele commentaar zoveel geest en begrip dat het onvoorstelbaar is dat de schrijver zo jong was. Wang Bi overleed op 23-jarige leeftijd nadat hij ook een commentaar op de Dao De Jing had voltooid.
Han Boering, I Tjing essenties (2010)
Dit commentaar van Han Boering bevat geen originele I Tjing tekst, maar gaat uitgebreid in op geschiedenis, achtergrond en essentiële begrippen van de I Tjing. Vernieuwend, verrassend en origineel zijn de hoofdstukken over de tracés en de karmische hexagrammen. Uitgebreide behandeling van reflecties van lijnen bij hexagram 1 en 2. Zowel interessant voor degene die meer historisch kader wil, als voor degene die zijn technische kennis en interpretatievermogen wil uitbreiden. Zeer geschikt als verdiepingsslag voor de gevorderde adept, geschreven in dezelfde uitnodigende en ruimtegevende stijl als de I Tjing voor de 21ste eeuw.
Jaap Voigt, Leven en werken in het ritme van de seizoenen
Grondig uitgewerkt model en praktische aanwijzingen voor het ontwikkelen van een natuurlijk levensritme, gebaseerd op de I Tjing. Een echt werkboek dankzij de gerichte vragen, die je maandelijks op weg helpen. Een inspirerend fotoboek dankzij de schitterende fotografie van Hapé Smeele, zodat je de seizoenen ook in beeld kunt volgen. Een boek om het jaar mee door te brengen.
Chinese (innerlijke) Alchemie
Wie zich wil verdiepen in de Chinese Alchemie kan haast niet zonder enige worteling in de Daoistische bronboeken: de Dao De Jing, de Zhuangzi en de I Tjing. Een aangename eerste verkenning in de alchemie kun je maken aan de hand van volksverhalen, vertaald door Eva Wong: Tales of Taoists immortals, Tales of the dancing dragon en Zeven zoekers naar de Tao. Vrolijke en beeldende verhalen voor de beginner, een feest van herkenning voor de gevorderde in deze traditie. Eva Wongs boek over Taoïsme in het algemeen bevat verschillende goede inleidingen op de alchemie. Hetzelfde geldt voor Taoïsme, de levende religie van China van Kristofer Schipper. Het geheim van de gouden bloem behoort tot de ´verplichte´ stof op deze weg. Dit boekje is in het Nederlands verkrijgbaar in twee versies van verschillende vertalers. De oudste versie spruit voort uit de samenwerking van Richard Wilhelm enC.G. Jung, de latere is van Thomas Cleary. De vertaling van Cleary is het meest leesbaar, maar in het kader van voortschrijdend inzicht en eigen ideevorming kan het leuk zijn om ze allebei te lezen. Verder beschikken we ook over een Nederlandse versie van de Can Tong Qi (de drievoudige eenheid), het werk van Wei Boyang over de uiterlijke alchemie. De meningen over de kwaliteit van deze vertaling lopen uiteen, maar het is hoe dan ook interessant vanwege de in dit boek gebruikte I Tjing symbolen, die je ook terug vindt in de innerlijke alchemie. Zie voor meer titels: teksten in onderzoek.
Dromen
Lezen over dromen
Hét handboek over dromen heb ik nog niet gevonden. Een meesterwerk al helemaal niet. Wie wil lezen over dromen moet verzamelen. Natuurlijk bestaan er verschillende boeken die specifiek gaan over het onderwerp, maar heel veel wetenswaardigheden staan verscholen in boeken die met een ander oogpunt zijn geschreven. Ga bijvoorbeeld eens op zoek naar de dromen en visoenen uit de bijbel. Zeker geldt dat wat er geschreven is over mythologie en zeker ook de mythen zelf, goed materiaal vormen om de droomtaal te verstaan. Af te raden zijn droomlexicons. Zij bevatten veel fouten en helpen je over het algemeen niet verder. Hooguit kun je ze gebruiken om je vermogen tot associëren te vergroten.
C.G. Jung
Jung heeft veel gepubliceerd over dromen. Met Freud heeft hij het hedendaagse denken over dromen geïntroduceerd. Jung is wetenschapper pur sang, maar sluit zijn persoonlijke ervaring niet buiten en zijn blikveld is wijder en dieper dan dat van Freud. Zijn ontdekking en beschrijving van het archetype en het collectief onderbewuste zijn essentieel geweest voor het verstaan van dromen. 'Dromen', 'De mens en zijn symbolen', 'Archetypen' en zeker ook zijn autobiografie 'Herinneringen, dromen en gedachten' zijn zonder meer aan te bevelen. Wie meer wil kan zich wagen aan een vierdelige verhandeling over dromen, waaronder een deel over kinderdromen. Voorts heeft ook de Jungiaanse school, die in zijn kielzog is ontstaan waardevol materiaal gepubliceerd. 'Godinnen in elke vrouw' en 'Goden in elke man' bijvoorbeeld van J.S. Bolen werpen licht op het Griekse Pantheon en hoe dit in onze psyche voortleeft. Houd wel voor ogen dat het werk voortkomt uit het gedachtegoed van een psychiater, die gericht was op het beter maken van de zieke geest. Hoewel Jung zelf zich steeds meer vrij maakte van deze specifieke gerichtheid op het menselijke welzijn, hebben zijn navolgelingen een nogal therapeutische inslag.
Droom bewust, Robert Moss
Dit werkboek biedt een sjamanistische visie op het omgaan met dromen. Het benadert de droom als een op zichzelf staande, andere realiteit. Een verfrissende methode, die je uit de beperkingen van het westers bewustzijn kan tikken en je helpt de droom te ervaren als een zelfstandige kracht. Daarnaast veel concrete oefeningen.
Sprookjesboeken
Net als mythen bedienen dromen zich van archetypische figuren en verhalen, zoals we die kunnen kennen uit de sprookjes. Vaak zonder het te weten komen de Assepoesters, de klein duimpjes en de repelsteeltjes iedere nacht aan ons voorbij. Allemaal lezen! Bij voorkeur voor het slapen gaan.
De werkelijkheid van slapen en dromen, Tenzin Wangyal Rinpoche
Een Boeddhistisch werk, waarin uitgelegd wordt hoe we onze dromen kunnen aanwenden om een meditatieve, kalme, rimpelloze geest te ontwikkelen. Het uitgangspunt is dat de uren die we overdag ter beschikking hebben om te mediteren, nooit opwegen tegen de uren die we slapend doorbrengen. Fascinerend en praktisch werk met prachtige voorbeelden van hoe een Tibetaan droomt.
De droompraktijk
Het voelt altijd een beetje flauw om te poneren, maar in dit geval sta ik er volledig achter: werkelijke kennis en begrip van dromen wordt niet uit boeken gehaald, maar behoeft overdracht in levende lijve. Dat hoeft niet per se via een leermeester die de wijsheid in pacht heeft, maar de uitwisseling van dromen in een gemeenschappelijke geest met twee of drie anderen doet al wonderen. Met alleen een boek breek je nooit door de blinde vlekken van je eigen dagbewustzijn heen. Ook leert het dagbewustzijn zich makkelijker openen in de beschouwing van dromen van anderen. Verder komen in het samenzijn rondom dromen je eigen dromen makkelijker op gang. Wie werkelijk geïnteresseerd is, kan niet zonder deze uitwisseling.
Mythologie
Joseph Campbell
Werelds ongeëvenaarde expert op het gebied van mythologie is Joseph Campbell. Al zijn publicaties over dit onderwerp, veelal in interview vorm, zijn de moeite waard. Begin met de held met de duizend gezichten en lees dan Mythen en bewustzijn. Voor wie wil is er daarna nog veel meer, o.a. een website, jcf.org, met literatuurverwijzingen en activiteiten. Zet alles wat je kunt verzamelen onder handbereik en lees het zo vaak je kunt. Ook verplichte kost voor geïnteresseerden in de droomuitleg.
Karen Armstrong, Mythen, een beknopte geschiedenis
Goed en als gezegd beknopt overzicht van de geschiedenis van de mythologie. Uitstekende inleiding op het onderwerp en snel gelezen. Deze gewezen non heeft veel geschreven dat in een mythologisch kader relevant is. Een geschiedenis van god en Jeruzalem bijvoorbeeld. Haar eigen mythe vind je in de autobiografie De nauwe poort, waarin ze zich verbindt aan en dan weer losmaakt van de Anglicaanse kerk.
Imme Dros, Griekse mythen
Voor nieuwelingen binnen de Griekse mythologie een heerlijke kennismaking, voor reeds gearriveerden een verademing. Poëtische teksten die recht doen aan het originele materiaal, eigen inbreng die toevoegt in plaats van stoort. Je kunt ervaren dat Imme Dros de Griekse mythologie is. Ga voor de gebonden versie met harde kaft en illustraties, een pareltje in de boekenkast om vaak naar terug te grijpen. Zie voor haar overige werk aldaar.
Mens en mythe
Een rijk met veel kunst, geïllustreerde serie boeken waarin onderzoek naar de wereld der mythen en hun historische wortels binnen verschillende oude culturen. Om eindeloos te bladeren en te verpozen tijdens regenachtige zondagen op de bank.
Sprookjesboeken
Verlies je in alle sprookjesboeken die je kunt bemachtigen. Begin met klassiekers als Sprookjes van Anderssen, Sprookjes van Grimm en sprookjes van moeder de gans. Als je op reis gaat, lees dan de sprookjes van het land of de streek van je bestemming. Er zijn series op de markt waarin de verste uithoeken van de aardbol zijn vertegenwoordigd. Hetzelfde geldt voor de mythen en sagen van een bepaald gebied, of een specifieke cultuur.
Teksten in onderzoek
- Inner Teachings
- Zhongheji, Bloemlezing over Centrale Harmonie
- Understanding Reality/Awakening to Reality
- Immortal Sisters
- Vitality, Energy and Spirit
- De alchemie van waken en slapen
- Great Clarity
- Daoklopie
- Awakening to the Tao
- Foundations of Internal Alchemy (1982)
Genoemde teksten vallen onder de onderzoeksactiviteiten van de studiegroep Chinese Alchemie. Voor zover van toepassing staan ze vermeld met hun Engelse naam waaronder ze in het westen bekend zijn. Vertalingen worden om te beginnen gemaakt voor het verwerven van een groter begrip en waar mogelijk beschikbaar gesteld voor een breder publiek.
Inner Teachings
Uit het Chinees vertaald door Thomas Cleary. Oorspronkelijk een tekst van 400 karakters over het gouden elixir in 20 verzen van Zhuang Boduan, de oprichter van de zuidelijke tak van de Volledige Werkelijkheidsschool uit de 11e eeuw. Het zijn de eerste lessen voor leerlingen in de innerlijke alchemie, die tegelijkertijd de hele weg tonen. De toelichting en het commentaar van de 18e eeuwse Liu I Ming, leggen de betekenis van de verzen open, lossen misverstanden op en verklaren de werkelijke bedoeling.
Zhongheji, Bloemlezing over Centrale Harmonie
Een samenvatting van de leer van de innerlijke alchemie waarin onderscheid wordt gemaakt tussen de misvattingen en de oorspronkelijke bedoeling van de traditie in de vorm van uitspraken, liederen, gedichten, essays en dialogen van de 13e eeuwse meester Li Daochun. Uit het Chinees vertaald door Rob Tans. Ook bekend in de Engelse vertaling van Thomas Cleary onder de naam the book of balance and harmony. Verwachte verschijning in het Nederlands najaar 2011.
Understanding Reality/Awakening to Reality
Het vervolg op de 400 karakters over het gouden elixir, eveneens van Zhuang Boduan in versvorm voor de gevorderde leerling in de innerlijke alchemie. Ook deze tekst is door Liu I Ming becommentarieerd en uitgelegd. De oorspronkelijke tekst in het Chinees, is door zowel Thomas Cleary als door de Italiaanse Fabrizio Pregadio naar het Engels vertaald. Het commentaar van Liu I Ming vinden we alleen bij Cleary volledig terug.
Immortal Sisters
Een bundel teksten van uitsluitend vrouwelijke auteurs uit de traditie van de innerlijke alchemie. Ook deze tekst is vertaald naar het Engels door Thomas Cleary en is voorzien van uitleg en commentaar door de 20e eeuwse
Chen Yingning.
Vitality, Energy and Spirit
Een verzameling Daoistische teksten bijeengebracht en vertaald door Thomas Cleary. O.a. werk van voorouder Lü, Wang Zhe, Zhuang Boduan en Liu I Ming.
De alchemie van waken en slapen
Een inleiding op werken met dromen vanuit Chinees alchemistisch perspectief.
Great Clearity
Over de waidan, de uiterlijke alchemie van de hand van de Italiaanse Fabrizio Pregadio met daarin opgenomen de vertaling van de Chinese tekst 'Great Clearity'.
Encyclopedia of Taoism (Daoklopie)
Een uitgebreid wetenschappelijk werk met daarin alle essentiële Daoistische begrippen onder redactie van dezelfde Fabrizio Pregadio. Wordt door Harry Schippers vertaald naar het Nederlands en beschikbaar gesteld in kleinere themaboekjes onder de naam Daoklopie.
Awakening to the Tao
Korte meditatieve teksten van de 18e eeuwse Liu I Ming. Uit het Chinees naar het Engels vertaald door Thomas Cleary.
Foundations of Internal Alchemy (1982)
The Taoist Practice of Neidan, ook al in vertaling van Fabrizio Pregadio, maar oorspronkelijke van de Chinees Wang Mu (1908-1992).
Tekstfragmenten
Zhongheji, Bloemlezing over Centrale Harmonie
Aan het woord is de 13e eeuwse meester Li Daochun. Uit het Chinees vertaald door Rob Tans:
Het Zwaard van Wijsheid
Sinds wijzen het geheim van het zwaard hebben doorgegeven, is het ware bevel perfect hoog gehouden, oprecht, vastbesloten en sterk.
Mensen die mij vragen waar de oorsprong ervan gevonden kan worden, zeg ik niet te zoeken naar gewoon ijzer.
Dit stuk ijzer komt tevoorschijn uit de richting van het Ontvangende, als het binnenkomt, houd ik het omhoog.
Te midden van een aanwakkerend glorieus vuur wordt het omgesmolten, en in honderd pogingen wordt het gezuiverd en tot staal gesmeed.
Als studenten van het Tao dit geheim kennen, is yange geestkracht machtig, vreeswekkend, en worden yinne demonen uitgeroeid.
De geestelijke verdiensten van de subtiele functie zijn moeilijk te meten; ik geef nu een uiteenzetting voor u.
Door voor u te spreken onthul ik het hemelse mechanisme, het begint wanneer één yang terugkeert.
Laat eerst de zes yange de blaasbalg van de oven pompen, en dan daarna de zes yinne met de tang en de hamer bewerken.
Wanneer het vuur zijn werk gedaan heeft, is het zwaard gevormd, en wanneer het voor het eerst te voorschijn komt flitst het als de bliksem.
Zwaai het horizontaal, en een koude klare wind steekt op, steek het recht omhoog en er verschijnt een luisterrijk glanzende maan.
Er straalt een voordelig licht wanneer de maan verschijnt, en hemel en aarde worden verlicht tot verdriet van goden en geesten.
Het spoelt het troebele weg en bevordert het heldere, het veegt demonen en vervuiling aan de kant, het doodt de draak, onthoofdt de tijger en roeit de waterdraak uit.
De zes dieven sterven, de drie lichamen komen ten einde, karmische oorzaken afgesneden, gedachten verlaten en het net van gevoelens verscheurd.
De spirituele kling wordt gericht en hoge bergen vallen uiteen, drie werelden van Duivelsprinsen allen ontmanteld en beëindigd.
Dit kostbare zwaard is van oorsprong zonder vorm; vanwege grote geestelijke verdiensten heeft het naam gemaakt.
De studie van het Tao en het cultiveren van het werkelijke hangen af van dit zwaard; zonder dit zwaard is het Tao moeilijk te bereiken.
Het verdrijven van de uitgestrekte mist, het onderscheiden van hemel en aarde, het elimineren van obstructies en het transformeren van het stof: in niets is niet voorzien.
Als mensen mij vragen het te lenen om het te zien dan breng ik het te voorschijn en vraag: begrijpt u of begrijpt u niet?
Inner teachings
De eerste drie verzen van Zhuang Boduan in zijn Vierhonder karakters over het gouden elixir. Deze drie vormen zowel een introductie als een volledige samenvatting van de leer van de innerlijke alchemie. Vertaald naar het Engels door Thomas Cleary, Nederlandse vertaling Jaap Voigt en Natasja Gras.
1
WARE AARDE VANGT WAAR LOOD;
WAAR LOOD CONTROLEERT WAAR KWIK.
LOOD EN KWIK KEREN TERUG TOT WARE AARDE;
LICHAAM EN GEEST ZIJN KALM EN STIL.
2
HET NIETS BRENGT WITTE SNEEUW VOORT;
RUST PRODUCEERT GELE SCHEUTEN.
IS HET VUUR IN HET JADEN FORNUIS WARM,
DAN VLIEGT VIOLETTE MIST OVER DE SMELTKROES.
3
LOTUSSEN PRIJKEN IN DE BLOEMENVIJVER;
IN HET SPIRITUELE WATER KOMEN GOUDEN GOLVEN TOT RUST.
DIEP IN DE NACHT ALS DE MAAN NET HELDER IS,
ZIJN HEMEL EN AARDE ALS IN EEN RONDE SPIEGEL.
Encyclopedia of Taoism (Daoklopie)
Onder redactie van Fabrizio Pregadio samengesteld en naar het Nederlands vertaald door Harry Schippers. Het eerste fragment behandelt de begrippen yin en yang. Het tweede fragment ziran, de spontane natuur:
Yin en Yang
![]()
In het Chinese wereldbeeld komt de kosmos voort uit de ongedifferentieerde Dao door de wisselwerking tussen yin en yang. Deze twee principes of *levenskrachten zijn aspecten van de werking van de Dao zelf. Hun voortdurend op elkaar inwerken brengt alles voort binnen de dimensies van ruimte en tijd, en leidt tot de materiële en spirituele manifestatie. Daarmee is de kosmos niet statisch maar constant in beweging.
Van oorsprong verwijst de term yin naar de schaduwzijde of noordzijde van een berg; yang daarentegen naar de zonzijde, de zuidzijde. Deze vroege omschrijving, die in bronnen uit de Lente- en Herfstperiode (770-476 v.o.j.) werd gevonden, werd later zo uitgebreid dat het alles omvatte dat in de schaduwkant is, donker en koel, tegenover alles wat door de zon beschenen wordt, helder en warm. De noties over yin en yang werden dus van toepassing op een hele reeks van complementaire entiteiten en fenomenen, zoals vrouwelijk en mannelijk, donker en licht, nacht en dag, hoog en laag, aarde en hemel, passief en actief en zo verder (zie tabel 1). Deze indeling is overigens relatief: zo is een minister bijvoorbeeld yin tegenover zijn heerser, maar yang ten opzichte van zijn ondergeschikten. Bovendien zijn yin en yang niet absoluut omdat ze beide het zaad van de ander in zich dragen: de yin van de winter wordt getransformeerd in de yang van de zomer en het proces wordt in een eindeloos continuüm omgekeerd. Deze cyclus van komen en gaan wordt ook wel samentrekken en uitbreiden genoemd.
Rond de derde eeuw voor onze jaartelling werd het begrip van yin en yang uitgebreid met de theorie over de *vijf fasen. Water en Metaal komen overeen met winter en herfst (yin); Vuur en Hout zijn gerelateerd aan zomer en voorjaar (yang), en Aarde vormt het neutrale centrum. Deze associaties leidden tot een verfijnder onderscheid in de cyclus van yin en yang, die nu door vier uitdrukkingen wordt gedefinieerd (zie voor verdere correlaties tussen de vijf fasen tabel 25):
1. kleine yang (of jonge yang): oost, lente
2. grote yang: zuid, zomer
3. kleine yin (of jonge yin): west, herfst
4. grote yin: noord, winter.
Een ander belangrijke ontwikkeling uit ongeveer diezelfde periode was de combinatie van yin en yang met de acht *trigrammen en de vierenzestig hexagrammen van het *Boek der Veranderingen. Vanaf de Han-periode werden alle vormen van classificatie en berekening -yin en yang, de vijf fasen, de *Hemelse Stammen en Aardse Takken, de trigrammen en hexagrammen van het Boek der Veranderingen, en andere symbolen van de eindeloze cyclus van verandering der fenomenen- geïntegreerd in een complex systeem van categorieën die leidden tot het systeem van de zogenaamde correlatieve kosmologie.


De werking van yin en yang raakt aan alles in het universum, de mensheid niet uitgesloten. Wanneer yin en yang alterneren volgens de natuurlijke orde dan volgen de cycli van seizoensveranderingen en die van groei en neergang elkaar harmonieus op. Als de mensheid (met name gerepresenteerd door de keizer) tegen de natuurlijke ordening in handelt, dan wordt de harmonie van zowel de maatschappij als de kosmos verstoord, en zijn droogten, zonsverduisteringen en opstanden het resultaat.
Omdat de Chinese cultuur in zijn totaliteit doordesemd is van deze noties, spelen ze een centrale rol in het Daoïsme. De school van de *Dao van de Hemelse Meesters uit de 2e eeuw zocht de werking van yin en yang veilig te stellen door seksuele rituelen om *levenskrachten te laten samensmelten (ook wel: vereniging van adem). In andere kringen moesten strikt seizoensgebonden regels voor diëten en zelf-cultivering gevolgd worden, omdat ziekten toegeschreven werden aan een pathologische en ontijdige overmaat aan yin en yang in de organen van het lichaam. Aan de andere kant vereiste de zoektocht naar een lang leven in een aantal gevallen om af te wijken van de natuurwetten, in een poging om het proces dat leidt tot achteruitgang en dood (letterl.'voortduring') om te keren. Beoefenaren van *innerlijke alchemie bereikten een zelf dat puur yang was door de eliminatie van yin uit de inwendige organen, omdat daarin de oorzaak voor verval en dood gelegen was. Anderen hielden zich bezig met seksuele technieken (*fangzhong shu) om yange essentie te verkrijgen. Riten en methoden werden ook bedacht om er voor te zorgen dat de ontelbare yinne en yange geesten in het lichaam niet verjaagd zouden worden, zodat ziekten en dood vermeden konden worden.
Farzeen Baldrian-Hussein
yin-yang
Twee polaire energieën die, door fluctuatie en door op elkaar in te werken, de oorzaak van het universum zijn. Yin en yang zijn polaire manifestaties van de Tao van het *Grote ultieme; hun pure manifestaties zijn Aarde en Hemel.
Vanuit de vermenging van yin en yang komen de *vijf fasen (elementen) voort; deze vijf fasen liggen ten grondslag aan de tienduizend dingen. Deze manifestatie van alle fenomenen wordt gezien als een niet aflatend cyclisch proces, een eindeloos worden en weer verdwijnen, en een voortdurende transformatie in het tegendeel, als iets zijn culminatiepunt bereikt. Derhalve is de onderliggende karakteristiek van zowel yin als yang de oorzaak van deze voortdurende verandering, die ook wel de beweging van Tao genoemd wordt.
De samenstelling van de hexagrammen uit het *Boek der Veranderingen, waar de concepten van yin en yang uit afkomstig zijn, reflecteren ook het beeld dat alle dingen en situaties voortkomen uit een combinatie van yin en yang. De twee hexagrammen Hemel, Scheppen en Aarde, Ontvangen zijn beelden van puur yang en puur yin; alle andere hexagrammen zijn een mengvorm van deze twee basisenergieën.
Van oorsprong verwijst het woord yin naar de noordelijk berghelling, i.e. de helling die van de zon afgewend is - en wordt verder geassocieerd met kou, woest water en een bewolkte hemel. Yang staat daarentegen voor de kant van de berg die naar de zon gekeerd is, de zuidelijke helling; het is helder en warm.
Het systeem van correspondenties tussen de microkosmos en macrokosmos kent verder eigenschappen en waarneembare associaties toe aan yin en yang: yin is het vrouwelijke, het passieve, ontvankelijke, het donkere, het zachte. Symbolen van yin zijn de maan, water, wolken, de tijger, de schildpad, het noorden, lood en de even getallen.
Yang wordt daarentegen gezien als mannelijk, actief, scheppend, helder en hard. Symbolen voor yang zijn de zon, het vuur, de draak, de kleur rood, het zuiden, kwik en de oneven cijfers.
Het yin-yang symbool staat voor het universum dat samengesteld is uit yin en yang; uitsluitend in deze combinatie van yin en yang vormt het een geheel. De twee punten in dit symbool laten zien dat beide energieën op hun hoogste punt van realisatie, i.e. daar waar ze culmineren, al het 'zaad' in zich bergen van, of op het punt staan om te slaan in het tegengestelde.
Het begrip yin-yang komt voor het eerst voor in hoofdstuk 5 van de Grote Verhandeling (*Tien Vleugels) van het Boek der Veranderingen, waar staat: "Eén yin, één yang, dat is de tao." In Boek 5, hoofdstuk 2 van de *Analen van Lente en Herst wordt de verschijning van alle dingen vanuit yin en yang -het donkere en lichte- als volgt beschreven: "Uit de Grote Ene komen de twee voort (i.e. hemel en aarde), die op hun beurt oorzaak zijn van de donkere energie (yin) en lichte energie (yang).
Vervolgens transformeren deze twee energieën zich, de ene stijgt op naar boven en de andere daalt naar beneden af; dan weer versmelten ze met elkaar en brengen de vormen voort. Ze gaan uit elkaar en versmelten weer. Zijn ze gescheiden dan smelten ze weer samen; zijn ze eenmaal weer samengesmolten, dan gaan ze uit elkaar. Zo gaan hemel en aarde eindeloos met elkaar om. Elk einde wordt gevolgd door een nieuw begin; op elk uiterste volgt een transformatie in het tegengestelde. Alle dingen zijn afgestemd op elkaar. Dat waar alle dingen uit voortkomen en waar ze hun oorsprong vinden, wordt de Grote Ene genoemd. Dat wat aan alle dingen vorm en voortreffelijkheid geeft is de dualiteit van donker en licht (Wilhelm, 1979).
Bovendien zijn de energieën yin en yang van groot belang binnen de Chinese geneeskunde. Alleen als yin en yang met elkaar in balans zijn, is het lichaam gezond. Te veel yang veroorzaakt een verhoogde activiteit van organen; te veel yin heeft een inadequate werking van de organen tot gevolg.
Rider Encyclopaedia of Eastern Philosophy and Religion.
ziran
'als vanzelf'; spontaan, spontaniteit
Als bijvoeglijk naamwoord betekent ziran 'spontaan', 'natuurlijk', 'als vanzelf', 'uit zichzelf'. Als zelfstandig naamwoord is het spontaniteit, natuurlijkheid, dingen zoals ze zijn. Het is synoniem met zizai (onafhankelijk) en ziyou (uit zichzelf), en betekent ook zoiets als zide (op zichzelf bereiken) en ziwei (uit zichzelf werkzaam, spontaan doen).
Ziran impliceert dat iets vanzelf gaat; het is de positieve kant van de Dao, die *wu (niets) als negatieve kant heeft. Aan de ene kant is wu de onbepaalde en niet kenbare Dao, die verloren gaat als hij benoemd wordt of anderszins bepaald wordt: het is de Oorsprong van leven die niet te vatten is en geen begin heeft. Aan de andere kant is ziran de Dao die leven voortbrengt, zijn *de (kracht), en wordt wel vergeleken met Oorspronkelijk Pneuma (*yuanqi). In dat opzicht is ziran als water dat aldoor uit een bron opborrelt, en synoniem is met Oorsprong (yuan) en Chaos (*hundun). Het is de bestendigheid van de Dao en zijn de, het Hemelse en Aardse bewind dat geen begin kent en binnendringt tot in de uithoeken van de existentie nog aan de Leegte voorbij (Zongxuan xiansheng xuangang lun; CT 1052, 1a-b). Vandaar dat ziran, als een kwaliteit die ergens aan toe wordt geschreven, 'echt' en 'oorspronkelijk' betekent en naar transcendentie verwijst.
Op kosmologisch niveau staat ziran voor de manier waarop de wereld geheel op zichzelf zijn weg gaat zonder dat iemand 'daar iets aan doet', en geeft het uitdrukking aan een wereld die zichzelf als vanzelf ordent en zichzelf als vanzelf reguleert. Epistemologisch betekent dit dat we niet weten waar leven vandaan komt of hoe leven tot stand komt. Ziran is dan de ultieme uitdrukking, niet als uitleg maar als een uitdrukking van menselijke onwetendheid en respect voor het geheim van het leven. Zoals in de Daode jing 25 staat: 'De Dao komt overeen met ziran', wat betekent dat het zichzelf vormgeeft naar wat spontaan is zoals het is; dit is wel een tautologie. Ziran kan zo ook een uitdrukking van agnosticisme zijn, zoals *Guo Xiang in zijn commentaar op de *Zhuangzi zegt. Onder invloed van het boeddhisme kreeg ziran ook de betekenis van 'niet substantieel', 'fundamenteel zonder eigen natuur', als tegengesteld aan dat wat oorzaak en gevolg heeft. In dit opzicht is het synoniem met 'echte leegte' (zhenkong; zie bijvoorbeeld *Daojiao yishu, 8.4a, en *Zhonghe ji, 3.14a).
Voor mensen houdt ziran in dat men niet afhankelijk is van iets anders of van materie (wudai, zoals in de Zhuangzi staat), iets dat van nature zo is (tian, als het tegenovergestelde van 'gemaakt door mensenhanden' of wei, wat volgens de Zhuangzi kunstmatig is), en creatief zijn (???). Het houdt in dat elk wezen een eigen levensbron in zichzelf heeft. Ziran met andere woorden is niets anders dan optimaal ongekunsteld zichzelf zijn, is binnenin zichzelf het voeden van de eigen aard die iemands eigen diepe en ware levenskiem is.
Uit respect voor ziran moet men deze niet hinderen (*wuwei), het leven kalmpjes zijn gang laten gaan en vanuit het zelf spreken in plaats van op individueel niveau te handelen en te spreken. Wat dat betreft is ziran het principe van het doen van dingen waardoor de heilige (*shengren) de weg gewezen wordt, of de wijze koning die de werking van de dao in de wereld en in menselijke aangelegenheden respecteert. Spontaan leven is leven zonder van binnenuit intenties te hebben, en de natuurlijke kracht die iedereen heeft vrijelijk zijn werk laten doen. Dit is niet hetzelfde als eigen invallen en grillen de vrije hand geven (zoals sommige *Xuanxue-denkers wel dachten), omdat invallen en grillen alleen maar oppervlakkige verlangens weerspiegelen die vragen om direct bevredigd te worden; invallen en grillen zijn dus niet het diepgaand natuurlijke zonder welk verlangen dan ook.
Isabelle Robinet
Liu Xiaogan 1998; Murakami Yoshimi 1965; Muroya Kuniyuki 1988, 16-31; Qing Xitai 1994, 2: 264-268; Wang Deyou 1995; Wang Zhongjiang 1995
bianhua; dao; zaohua
tzu-jan (ziran)
'Zijn als zichzelf', natuurlijk, spontaan. Het is een concept uit het filosofische taoïsme (*daojia). Alles wat spontaan is en vrij van menselijke bedoeling(en) of van invloeden van buitenaf is tzu-jan. Het betreft dat wat in harmonie is met zichzelf. Het verwijst naar de hoogste realisatie van dat wat is en dat volstrekt loyaal is aan zichzelf.
Tzu-jan is nauw verwant met *wu-wei, onbedoeld (in de zin van 'spontaan') handelen, op een manier dat je er van zou kunnen zeggen dat het zowel doel als norm is.
Hoofdstuk 25 van de Tao Te Tjing omschrijft tzu-jan als volgt: "Het universum kent vier grootheden, waarvan de mens er één is. De mens schikt zich naar Aarde, Aarde schikt zich naar Hemel, Hemel schikt zich naar Tao en Tao is vanzelf zo1.
Volgens de Japanse Daode jing-geleerde Akira Öhama, is tzu-jan een spontane energie die inherent is aan Tao, en dus het zichzelf ontvouwende van wat het teweegbrengt: "Dao werkt als een immanente energie, een mysterieuze aanwezigheid in de wereld van de tienduizend dingen (*wan-wu). Daarom zijn de individuele gevolgen van de tienduizend dingen - als ze niet tegengehouden worden in het volgen van hun eigen natuur - in overeenstemming met de tzu-jan van dao. Het is niet zozeer het zelfbewuste, intentionele zoeken naar één-zijn met Dao waar het om gaat, maar veeleer dat het menselijk handelen identiek is aan Tao die actief aanwezig is in de mens. Dat is tzu-jan." (Béky 1972, p. 126).
Spontaniteit: wat vanzelf, zonder overleg zo gebeurt. In het Daoïsme geldt dit in de eerste plaats voor de natuurorde. De natuur heeft volgens de Daoïsten geen bedoelingen, beloont niet, straft niet, bekommert zich niet om het menselijk bestaan. Ze opereert, volgens haar eigen patronen. Het Daoïstisch ideaal is om de spontaniteit ook in het menselijk leven te verwerkelijken, dat wil zeggen als een onderdeel van de hele natuur te fungeren.2
The Rider Encyclopaedia of Eastern Philosophy and Religion

